Tentoonstelling
Extra activiteiten tijdens de kerstvakantie

Goudklompje van de maand: December

Goudklompje van de maand

"Limbvr Gensis et Comitatvs Valkenbur gensis et Dalememsis", het Hertogdom Limburg en de heerlijkheden Valkenburg en Dalem, 1578
 Vervaardiger/drukker M. Aitzinger, Keulen. Topografische Atlas Rijckheyt, inv.nr. B-668        

In de tentoonstelling Goudklompjes in het Thermenmuseum staat deze maand een nieuw bijzonder collectiestuk centraal. Het is een 'toeristenkaart' uit een reisatlas uitgegeven in Keulen in ca. 1579. De zeldzame en de eerste voor Zuid-Limburg afzonderlijk gedrukte kaart is een van de pronkstukken in de kaartenverzameling van Historisch Goud, waarvan de kopergravure door de Keulse kartograaf Michael Aitzinger is gemaakt.

Klik hier voor een uitgebreid artikel over deze kaart.

Goudklompjes
De tentoonstelling 'Goudklompjes - bijzondere collectiestukken vertellen het Verhaal van Heerlen' vertelt de grote lijn van de geschiedenis van Heerlen, geïllustreerd met voorwerpen en documenten uit de depotcollecties van Historisch Goud (Thermenmuseum, Rijckheyt en Kasteel Hoensbroek. De tentoonstelling is nog te zien tot 3 februari 2013, tijdens de openingstijden van het Thermenmuseum. Elke maand staat er een bijzonder collectiestuk centraal en worden stukken vervangen, zodat er elke maand iets nieuws te zien is!

Extra activiteiten in de kerstvakantie 21 dec t/m 6 januari
Bij de tentoonstelling staat tijdens de kerstvakantie een selectie van historische spellen opgesteld, die samen of alleen gespeeld kunnen worden of u gebruikt het museum als uitvalsbasis voor een van de beschreven wandelingen door de stand.
Op woensdag 2 en zondag 6 januari 2013  zijn er workshops o.a. Romeins mozaïek maken en Kalligrafie (deelname gratis na betaling van de entree) en rondleidingen door de archiefdepots. Op zondag 6 januari is er bovendien om 13.30 u. een spreekuur familiegeschiedenis door stadshistoricus Roelof Braad. Die dag geeft Annie Schreuder-Derks van Volkskundig Bureau NostalNu om 15.00 u. een presentatie over "Drie Keuninge" (Driekoningen). Zij gaat in op tradities en gebruiken rond dit feest zoals  het Driekoningenbriefje, de betekenis van goud, wierook en mirre en het eten van Driekoningenkoek.
Openingstijden, entree en adres:
Openingstijden: di.-vr 10.00-17.00 uur en zat.-zon. en feestdagen 12.00-17.00 uur.
Gesloten: elke maandag, 24, 25 & 31 dec. en 1 jan. Entree volw. € 6,75, senior/CJP € 6,25, kids 4-12 jaar € 5,75. Museumjaarkaart gratis

Aitzinger kaart   

In 1579 verscheen de eerste toeristenkaart van Limburg

door Roelof Braad,
stadshistoricus bij Historisch Goud - Rijckheyt, centrum voor regionale geschiedenis in Heerlen.
Illustraties: collecties Rijckheyt, Heerlen.

Een reis of vakantie zonder goede atlas zouden we ons helemaal niet kunnen voorstellen. Hoewel we tegenwoordig ook het gemak hebben van de tom-tom en google-maps grijpen we nog heel vaak naar  toeristenkaarten om ons te oriënteren op onze vakantiebestemming. De kaarten wijzen ons op exacte wijze de weg naar bezienswaardigheden en bestemmingen in binnen- en buitenland.
In vroegere tijden was reizen een veel groter onderneming dan tegenwoordig. Er was nog geen snel vervoer per vliegtuig of auto. Toen Jules Verne in 1872 zijn Reis om de wereld in 80 dagen schreef, verklaarde iedereen hem voor gek. Maar vooral het reizen naar Amerika, Afrika en Azië was nog reizen naar onbekende bestemming.
Atlassen van de vroege 16e en 17e eeuw tonen nog grote witte vlakken onbekend gebied. De eerste reizigers werden daarom ook 'ontdekkingsreizigers' genoemd. In Heerlen zijn in de buurt de Wieër  naar de meest bekende uit onze geschiedenisboekjes straten vernoemd. Columbus, de ontdekker van Amerika, is misschien wel de bekendste. Beslist kent u het spreekwoord 'Dat is het ei van Columbus'. De anekdote hierover is ontstaan kort na zijn terugkeer in Spanje in 1493 en in 1565 opgeschreven door de Italiaanse historicus Girolamo Benzoni. Spaanse edellieden beweerden dat het niet zo moeilijk was geweest om de Nieuwe Wereld te ontdekken. Columbus daagde de aanwezigen toen uit om een ei rechtop te laten staan. Hoe men het ook probeerde, het lukte niemand. Hierop pakte Columbus zelf het ei en sloeg het zachtjes met de stompe kant op tafel. Het ei deukte in, waardoor het kon blijven staan. Vervolgens zei hij: "Het verschil, mijne heren, is dat jullie het hadden kunnen doen, maar dat alleen ik er op gekomen ben!" Toch was zijn ontdekkingsreis naar Amerika niet zo eenvoudig. Vele bemanningsleden van de drie schepen, waarmee hij de oceaan overstak, overleefden de reis niet. En: Columbus had het niet door dat het nieuwe land dat hij had ontdekt Amerika was. Hij dacht dat hij op 12 oktober 1492 in West-Indië aan land was gegaan en noemde daarom de inboorlingen Indianen. Het was de Italiaanse ontdekkingsreiziger Amerigo Vespucci die opmerkte dat het om een nieuw continent ging. Voor het eerst wordt het gebied van de 'Nieuwe Werelt' naar hem America genoemd op de wereldkaart van Martin Waldseemüller uit 1507. De bekende Nederlandse kaartenmaker Gerard Mercator zorgde ervoor dat de naam van het 'Terra Americi' de vaste naam werd van het werelddeel.

Reisboeken en kaarten
De reizen naar onbekende oorden zijn steeds meer of minder uitvoering beschreven in zogenaamde 'reisboeken' (itineraria). Ze beschrijven reizen in nieuw ontdekte gebieden en gingen later ook kaarten bevatten. Vooral in de 19e eeuw komen er heel wat reisboeken en wegenkaarten op de markt, omdat zich het verkeer te land door de toenemende industrialisatie en handel snel ontwikkelde. Grote wegen werden aangelegd, ze werden verhard, er kwamen steeds meer postwagendiensten en later ontstaan ook de spoor- en tramwegen. Mede door de nieuwe vereenvou¬digde druktechnieken - de lithografie en offset - kwam het moeilijke en tijdrovende met hamer en burijn graveren van koperen platen om kaarten te drukken steeds minder voor.
De oudst bekende en ook bewaard gebleven werken, waarin ook Nederland wordt beschreven, zijn het Romeinse Itinerarium Antonini en de 'Peutinger'-kaart (Tabula Peutingeriana), beide uit de derde eeuw na Christus. De kaart werd genoemd naar Conrad Peutinger uit Augsburg, die hiervan in de 16e eeuw - de periode, waarin de cartografie vanwege de vele ontdekkingsreizen sterk in de belangstelling kwam - een middeleeuwse kopie ontdekte en wereldkundig maakte. Deze kaart is echter geen kaart, zoals we die tegenwoordig kennen en is oorspronkelijk ook niet gedrukt (de boekdrukkunst was nog niet uitgevonden!), maar een boekrol. Deze boekrol stelt in feite de toen bekende wereld 'plat geduwd' voor, met Rome in het centrum, van waaruit alle wegen min of meer in elkaars verlengde liggen. Praktisch was de kaart echter wel, want al reizende kon men de kaart verder rollen, terwijl men tevens de afstanden tussen de legerplaatsen en vestigingen direct kon aflezen. Zo ligt Coriovallum (Heerlen) XVI Gallische leugae van  Atuaca (Tongeren) en XII leugae van Juliaco (Julich).
Van meet aan werd bij de samenstelling van kaarten en reisverhalen aan de reiziger gedacht. De oudst bekende gedrukte kaart van Europa, bijvoorbeeld, is een houtsnede van Etzlaub, die in een oplage van duizenden gedrukt moet zijn voor de talloze bede¬vaartgangers naar Rome in het heilige jaar 1500. Men kan gerust beweren, dat deze Romwegkaart - waarvan er voor zover bekend nog maar 12 exemplaren bewaard gebleven zijn - even populair was als de goedkope bij onze tankstations te verkrijgen wegenkaarten.
Later verschijnen gelijk met de eerste grote atlassen ook zak- en reisatlasjes, zoals de eerste gedrukte Europese reisatlas, het Itinerarium Orbis Christiani, in 1579/1580, waarvan de koperplaten zijn gegraveerd door Frans Hogenberg (1535-1590) te Keulen. Mogelijk zijn de kaarten samengesteld door de Oostenrijkse edelman Michael Aitzinger (1530-1598), die ze samen met aardrijkskundige reisverhalen uitgaf. Het werk bestaat uit vier delen met 84 kopergravures van kaarten van bijna alle toen bekende landen en was toen bijvoorbeeld te koop in de winkel van Plantijn in Amsterdam voor f 3,- (een arbeidersweekloon).

Zuid-Limburg
Deze reisatlas werd gedurende een jaar of tien uitgegeven en bevat de eerste afzonderlijk gedrukte kaart van het hertogdom Limburg en de Landen van Overmaas, zo ongeveer het huidige Zuid-Limburg. Blijkbaar is de kaart samengesteld naar grotere kaarten, die eerder verschenen in atlassen van Ortelius en De Jode. Hierdoor is de kaart minder nauwkeurig dan bij een aparte kartering het geval zou zijn geweest. Een plaats als Brunssum bijvoorbeeld ontbreekt, terwijl een aantal plaatsen zodanig zijn gespeld, dat zelfs de recht¬geaarde Limburger van toen moeilijkheden gehad zal hebben bij het herkennen ervan. Losse afdrukken van deze kopergravure zijn zeldzaam. Een van de weinig overgebleven afdruk¬ken wordt bewaard in de Topografische Atlas van Rijckheyt en moet vanwege het voorkomen van coördinaten op de rand, een afdruk zijn van de eerste koperplaat uit 1578 of 1579. Deze plaat gebruikte Aitzinger in 1587 nog een keer voor de uitgave van het Itinerarium Belgicum, een atlas en reisboek van de lage landen.
Pas na de ontdekking van de driehoeksmeting beginnen de kaarten wat meer het ons vertrouwde beeld op te leveren. Zo is het oude hertog¬dom Limburg en de Landen van Overmaas voor de eerste maal in 1603 afzonderlijk in kaart gebracht door de landmeter en jurist Martini uit Antwerpen ten behoeve van een veldtocht van de Spaanse bevelhebber Spinola. Zijn kaart werd voor het eerst uitgegeven in 1606 en daarna tot in de 18e eeuw in allerlei varianten van uitgevers in binnen- en buitenland. De eerste topografische kaart van Limburg ontstond toen Ferraris een deel van Limburg met nieuwe technieken heeft opgemeten. De eerste moderne kaart van Zuid-Limburg werd in opdracht van de Fransen vervaardigd door Tranchot in 1805.
Oude kaarten boeien nog steeds. Ze zijn onmisbaar bij historisch onderzoek, maar ze doen het ook nog goed als wandversiering. Veel antiquairs verkopen nog originelen voor prijzen tussen de € 200,- en € 2000,- afhankelijk van ouderdom, grootte, kleur en techniek (ets of gravure). Sommige kaarten zijn nog als overdruk verkrijgbaar. Mooi om ingelijst boven de open haard te hangen!

Informationen anfordern

Fragen?

Kontaktieren Sie uns:
Telefon +31 (0)45 560 5100
E-mail info@thermenmuseum.nl

Rufen Sie mich zurück:
Wenn Sie Ihre Nummer hier gebt,
rufen wir Sie zurück.